Choreograaf Lana Čoporda: “Ik wil dat mijn dansers de fout ingaan.”

18 januari 2016

Als met een loep bestudeert Lana Čoporda menselijke verhoudingen en structuren in de maatschappij. Een bewerking van haar dansvoorstelling Take a closer look staat op festival Moving Futures. Ze laat de toeschouwer details van het leven zien, waar we normaal gesproken (liever) weinig aandacht aan schenken. “Juist tijdens het falen gebeuren interessante dingen.”

Tekst: Lotte Wijers
Beeld: Rob Hogeslag
Moving Futures Rotterdam foto Rob Hogeslag (1)

Een knullige voet
Lana Čoporda studeerde aan ArtEZ dansacademie in Arnhem en maakte daar haar afstudeervoorstelling. Take a closer look is ontstaan vanuit een bewegingsoefening die ‘zwermen’ wordt genoemd. De ene danser maakt een beweging en de andere dansers volgen – als een groepje vogels. Er kan van richting en van afstand worden veranderd. Čoporda: “We onderzochten de mogelijkheden van deze oefening, die uiteindelijk het gereedschap werd om de voorstelling te maken. Een hele tijd werkten we vanuit de wens dat de beweging van de dansers ongeveer gelijk moest zijn. Dit leverde na een tijdje een vreemde sensatie op, alsof de dansers niet mochten falen. Maar dat is helemaal niet realistisch en niet echt interessant. Juist tijdens het falen gebeuren interessante dingen. Dan gebeurt er iets sociaals. Als iedereen doet alsof ze samen heel mooi bezig zijn, maar één voet staat de verkeerde kant op, dan komt dat heel knullig over. Als jij je voet verkeerd zet, weet je niet hoe je daarmee om moet gaan. We kunnen dit gevoel ook bij een ander herkennen, het is een gemeenschappelijke erkenning.”

Frictie in beeld
“We doen vaak alsof er niks aan de hand is én alsof alle mensen hetzelfde zijn. Maar ik zie dit als een houding die wij onszelf aanmeten. In het dagelijkse leven willen we aan bepaalde dingen niet herinnerd worden. Omdat we dan een moeilijk leven zouden hebben. Dan heb ik het niet alleen over grote dingen als de dood, maar ook bijvoorbeeld over het dragen van kleding op straat of het niet boeren en scheten in andermans bijzijn. Dit impliceert een acceptatie van een bepaalde afspraak. We denken: ‘okee, dit vinden we een acceptabele manier om met deze waarheid om te gaan’. En deze afspraak, deze verplichting, wordt onzichtbaar voor ons. Ik vind het juist interessant om aan deze ‘verdwenen’ constructies te worden herinnerd. De potentiële frictie van het sociale leven wil ik belichten.”

Moment van niet-weten
Take a closer look is een gestructureerde improvisatie. De structuur van de choreografie staat vast, maar de dansers kunnen er elke keer een andere timing of invulling aan geven. Ze maken een doorgaande abstracte beweging die telkens transformeert. Naast de abstractie is er een associatieve of verbeeldende tweede laag. Čoporda: “Het gaat om het ontrafelen van de beweging. Je denkt als toeschouwer op een gegeven moment dat je weet wat er gaat gebeuren. Zoals wanneer in het begin de dansers bijna niet bewegen, dan verwacht je dat die verstilling en traagheid lang gaat duren. Maar het stuk evolueert continu, waardoor je uiteindelijk totaal niet weet wat er gaat gebeuren. In de zich herhalende beweging zijn namelijk allerlei beelden te herkennen. Misschien een handdruk. Of een hockey-beweging. Maar deze beelden komen en gaan, waardoor je nooit echt weet of wat jij zag zo bedoeld is. De toeschouwer weet dus niet wat er gaat gebeuren, maar dat weten de dansers eigenlijk ook niet. Performers en publiek delen dit moment van niet-weten.”

Levende dans
“Voor mij is dans een proces waarin ik mijn hersenen even actief houd als mijn lichaam. Ik wil vooral goed kunnen samenwerken en in het proces van samenwerken blijven reflecteren. Dit vind ik belangrijk als dansmaker, maar ook als danser bij projecten van anderen. Bijvoorbeeld in de samenwerking met choreograaf Amos Ben-Tal was ik als danser steeds actief aan het nadenken terwijl ik zijn bewegingsopdrachten belichaamde. Mijn lichaam is als danser betrokken bij de danspassen in de ruimte, maar mijn geest blijft ook steeds bezig: je maakt bij elke beweging keuzes. De choreografie moet in leven zijn: niet bezinken, maar steeds opnieuw ontdekt worden.”

Verlangen naar fouten
Dit steeds opnieuw ontdekken komt terug in het doorontwikkelen van een voorstelling. “Mijn afstuderen is al twee jaar geleden; de voorstelling is ondertussen wel wat veranderd. Één van de dingen die ik heb veranderd, is het inbrengen van meer sociale spanning. Ik heb me gericht op hoe de dansers kijken. Ze mogen nu, nee moeten, wegkijken van de anderen. En dan verder bewegen. Ik vraag hen dit omdat ze op die manier niet meer ‘mooi’ samen kunnen dansen. Als ze dan weer naar elkaar kijken, dansen ze niet meer gelijk. De dansers hadden namelijk een mechanisme ontwikkeld om de choreografie het hoofd te bieden, om nooit fouten te maken. Terwijl ik juist wil dat ze dat mechanisme afleren. Ik wil dat ze de fout ingaan. Het hele stuk gaat voor mij eigenlijk over situaties waarin er een probleem of geheim aanwezig is, waar iedereen van weet, maar niemand het wil erkennen of benoemen.”