Essay over opening Moving Futures

28 januari 2017

DE TOEKOMST BEWEEGT IN TILBURG
Essay over opening Moving Futures

De toekomst beweegt in Tilburg, op de openingsavond van dansfestival Moving Futures, editie 2017. Tilburg is dit jaar de eerste stad in een beloftevolle serie. Deze avond de eerste avond.

Tekst & beeld: Anna van der Kruis

MF_DichtbijAnna_1

Ik heb een tafeltje op het podium van de Rode Salon. Mijn eigen bonnenapparaat, zoals vroeger, bij de slager. Zo’n zilverkleurige paal met een ronde, brandweerwagenrode plastic bonnenhouder eraan. En een ledscherm, waarop ik kan aangeven bij welk nummer ik ben, wie er aan de beurt is. De nieuwe Moving Futures kleur is roze. Net als mijn schrijfpapier. En ik heb een camera.

In de entree van De NWE Vorst pruttelen felroze, handhoge plastic robotjes. Op de tafels liggen handouts met informatie over de makers, de aanvangstijden, de avond. Achter de bar staan de champagneglazen klaar en op verschillende plekken in het gebouw warmen dansers zich op. Langzaam druppelt ook het publiek binnen. Publiek waarmee ik in gesprek wil.

Samen met Theaterfestival Boulevard ontwikkelde ik het afgelopen jaar dit idee. Dramaturg en programmamaker Nina Aalders creëerde een plek voor mij in haar Josephkwartier. Zij vroeg mij, namens het festival, bezoekers te ontvangen om hen te helpen, de voorstellingen die zij er deze augustusdagen zagen, te verteren.

Vandaag is een vrieskoude januaridag, vandaag ben ik uitgeleend. Vandaag werk ik, vanuit dit idee dat nog volop in ontwikkeling is of, ik kan het ook in stijl zeggen, volop in beweging: hier.

MF_DichtbijAnna_6
MF_DichtbijAnna_2

De eerste toeschouwer, die in de pauze aan mijn tafeltje plaatsneemt, begint met een statement. “Ik kan altijd moeilijk woorden geven aan een kijkervaring in de dans”, zegt hij. Om te vervolgen met een kraakheldere uiteenzetting. Zonder enig voorbehoud los te barsten en te benoemen dat het dit keer anders is. Om schijnbaar zonder mijn hulp, niet alleen iets te delen over wat er op het podium te zien was, maar ook over zijn eigen ervaring. Zijn interpretatie.

“Het is heel minimalistisch. Je ziet twee identieke dansers. Eerst maken ze een tegenovergestelde beweging, die vervreemdend werkt, zoals je in het leven ook van elkaar kan vervreemden en dan worden ze gebrekkig, als met het ouder worden. Gek genoeg is dat het eerste moment dat ze niet meer laag bij de grond blijven. Dat ze niet meer op hun knieën zitten, maar op kunnen staan en kunnen lopen. En dan, is de lichtcirkel van het begin terug en is er een omhelzing. De muziek verstilt en ze komen langzaam bij elkaar. Dan past alles.”

Zijn woorden verwijzen naar hele concrete, herkenbare werelden, zowel in het theater, als in het dagelijks leven. De connectie tussen die twee ontroert me, de toelichting; wat voor deze kijker vervreemdend is, wat gebrekkig. En dat kunnen lopen in gebrekkigheid een hele nieuwe wereld opent, eentje die verbaast. Ik begrijp meteen dat de hereniging die daarna komt ontroering oproept. En dat het benoemen van die ontroering werkt als een verdubbelaar.

Ook na de pauze komen mensen me vertellen over deze première met de titel Yeah but no but Yeah, een werk van Hilde Elbers. Een iemand is op drift geraakt door de geluiden, die de twee dansers live maken met behulp van een microfoon.

MF_DichtbijAnna_4
MF_DichtbijAnna_3

“Het is alsof ze op een rubberboot zitten. Klotsend water.” Zegt ze. “Zoals je om elkaar heen kan draaien, hoe je uiteindelijk iets opbouwt, ergens terecht komt waar je tevreden bent, terwijl het met zo veel spanning en ellende gestalte moet krijgen. Het heeft heel wat voeten in de aarde voor het er staat. Het golven. Het deinen. Ik geef les aan vluchtelingen,” zegt ze, “en die vertellen wel eens wat.” Ze citeert, “Mevrouw, die trom, op die boot…” “Kippenvel”, zegt ze. En ook dat dit geen gedachten zijn die ze in de zaal bewust gehad heeft. Ze heeft ze nu pas, nu ze tegenover mij zit.

Een derde formuleert het als volgt: “Je ziet twee grieten, die beginnen te bewegen. Dat wordt steeds heftiger, ze reageren op elkaar. Er is een cirkel van licht. Een van die grieten, buiten de cirkel, staat als het ware te zoeken, gebaart, ik zoek jou, waar ben je? Die ander staat in het donker. Ik zie je niet. Ik zie je niet. Waar ben je? Ik ben hier. Ik ben hier. En dan vinden ze elkaar weer. Dat betekent dus vertrouwd, dat heb ik niet gezien, dat is mijn interpretatie. We kennen elkaar. We komen hier wel doorheen.”

MF_DichtbijAnna_5

Geisha’s Miracle van Jija Sohn zorgt voor meer verwarring. Vragen over andere culturen. Over wat sexy is en wat agressie. Er wordt voorzichtig geformuleerd, op moreel filosofisch niveau geduid, gesproken over wat hoort en niet hoort, over hoe het uiten van je emoties je omgeving kan belasten. Maar ook over het doorbreken van die gedachten, een letterlijk uitbreken uit een keurslijf en een voelbaar ongemak in de zaal.

Boosheid, schaamte en afwijzing, ook ten opzichte van de voorstelling zelf. Een rijke voedingsbodem voor een gesprek dat zich eigenlijk pas echt aan mij op begint te dringen nu ik dit zo opschrijf, in retrospectief. Het smaakt naar meer. Naar nog eens kijken en nog eens praten. Elkaar nog eens ontmoeten, het gesprek voortzetten. Wat mij betreft dan.

Wie weet… in de toekomst.

Foto’s: De Moving Futures kijker in de spotlights.
Hans, Hannah, Geert, Marili, Piet. Dank jullie wel voor het delen.

Dicht bij… is een programma van Theaterfestival Boulevard, ontwikkeld in samenwerking met Anna van der Kruis. Op 25 januari 2017 uitgevoerd ihkv Moving Futures Festival – Editie Tilburg.